Laatste berichten

web-log.nl, powered by TypePad

« januari 2010 | Hoofdmenu | maart 2010 »

februari 2010

Losse handjes

'Mam, nu ik acht jaar ben, mag ik wel bij Nannie logeren he', vroeg ik poeslief. 'Nou, vooruit dan maar', lacht mam. Ik begin te juichen en fiets meteen naar Nannie om het goede nieuws te vertellen. Ook de moeder van Nannie vind het goed. Nannie zelf reageerde een beetje koel, maar dat kwam vast omdat ze weer moe was. Dat was Nannie altijd. Een uur later stond ik met al mijn logeerspullen op de stoep. We mochten patat halen en tot laat opblijven. Maar na GTST moesten we toch echt naar bed. Ik viel als een blok in slaap. Totdat ik wakker werd van geschreeuw en gegooi met de deuren. 'Arnold, alsjeblieft', hoorde ik Nannie's moeder schreeuwen. De deur naar de trap ging open en klapte tegen de muur. 'Tijn, kom naast me liggen, snel!', siste Nannie vanuit haar hoogslaper. Ik hoorde hoe Nannie's vader de trap op rende en de deur van de slaapkamer ernaast open smeet. 'Vuil kutkind dat je bent. Je hebt je spullen weer niet opgeruimd'. Ik ging naast Nannie liggen en voelde hoe ze bibberde. 'Laat hem los, Arnold!' Ik hoorde de wanhoop van Nannie's moeder in haar stem terwijl Nannie's broertje harder begon te huilen met iedere klap die hij kreeg. Nannie lag zachtjes naast me te huilen. 'Het spijt me zo erg Tijne, heel erg', snikte ze. We pakken elkaars hand vast die slap voelden van angst, bijna alsof ze los zaten, aan een zijden draadje hingen.

Het is drie uur 's nachts als de deurbel gaat. Ik hoor hoe pap mopperend zijn bed uit komt. Ik ren van de zolder naar beneden. 'Laat mij maar', zeg ik als ik pap op de gang tegenkom. 'Het is middenin de nacht, jij gaat helemaal niets doen'. 'Pap, het is vast Nannie!'. Pap zegt niets meer en loopt voor de zekerheid op een afstandje mee naar de voordeur. Door het raam zie ik de schaduw van Nannie, met een tas en haar scooterhelm in haar hand. Bibberend draai ik de deur van het slot en doe de deur met een ruk open. Nannie is buiten adem en valt huilend in mijn armen. Zo blijven we vijf minuten staan. 'Kom maar binnen', fluister ik. Als Nannie bij me in bed kruipt, moet ik denken aan de eerste keer dat ik bij haar logeerde. Ik pak haar hand en wrijf erover. Haar hand voelde precies zoals die keer dat ik bij haar logeerde. Koud, slap, zacht, los.

Ik zie ik dat de tranen in Nannie's ogen schieten als ze als finishing touch het gordijn heeft opgehangen. 'Hier heb ik zo lang op gewacht. Ik ben zo blij, Tijn, eindelijk...'. Ik knuffel haar en zeg dat ze het heeft verdient. 'Blijf je alsjeblieft slapen?', snottert ze bijna onverstaanbaar met haar mond tegen mijn vest gedrukt. Ik knik. 'Tuurlijk', zeg ik met een brok in mijn keel. We doen alle lichten uit en kruipen in bed, Nannie's nieuwe bed. We liggen allebei op ons rug. 'Zestien jaar geleden deden we dit ook al, en nu liggen we gewoon in je eigen huisje', glimlach ik. Het is donker, maar ik merk dat Nannie ook glimlacht. Ze kruipt tegen me aan en we pakken elkaars handen stevig vast. Nooit meer losse handjes.

Bushokjeskunst

Vrouwen die bezopen zijn en kotsen, die kots ik uit. Ik vind het wel zo'n genante vertoning als vrouwen over allerlei obstakels op hun weg naar huis (of zelfs nog in de kroeg) hangen en hun drank net zo hard eruit gooien als dat het erin is gegaan. Ik heb mijzelf altijd afgezworen zulk gedrag ooit zelf te vertonen.

Maar helaas, ook ik heb eens verloren van de drank. Het was op een warme zomeravond. Vriendin Roxanne en ik besloten alvast een lekker wijntje weg te nippen voordat wij op pad zouden gaan naar Amsterdam. We hadden de dikste lol en terwijl we de laatste roddels besproken dronken we ongemerkt een hele fles wijn leeg. Toen ik opstond om mijn jas te gaan halen, merkte ik al dat de wijn aardig was ingeslagen. De lol werd er echter niet minder om, in tegendeel. Eenmaal in Amsterdam leek het alweer aardig te zijn gezakt, maar de jolige stemmig bleef.

Roxanne en ik belandden in het Cooldowncafé. Daar zat de stemming er al goed in. Ook wij deden vrolijk mee met het hossen en meebrullen op héééééééé-hóóóóóóó-nummers. Helaas bleek de barman niet zo hos-bestendig. Toen hij met een dienblad vol drank voorbij liep, liet hij wijn over het nieuwe jurkje van Roxanne vallen. 'Dat wordt dan de rest van de avond gratis drank', zei ze pittig. 'Vooruit', gaf de barman nog toe ook. De drank bleef maar voorbij komen. Ik kon er niet tegenop en dus liet ik het soms staan. Maar helaas mocht dat niet baten want ineens voelde ik hoe mijn laatste shotje insloeg als een bom...

Verdomme, zei ik tegen mezelf. Want eerdere ervaring, jaren terug, wees uit dat een bezopen Tijne en het openbaar vervoer niet hand in hand gaan. Maar er was geen andere methode om die nacht terug naar huis te gaan. Eenmaal in de bus voelde ik de eerste misselijkheid boven komen. 'Rox, ik voel me niet goed hoor...', zei ik zachtjes. Rox hoorde me niet want die was met haar eveneens lamme gelaat de passagiers voor ons aan het pesten door op de schouders te tikken en snel weg te duiken. Ze had dikke schik in en met zichzelf. 'Rox, luister je?', zei ik wat harder. 'Huh?', zei ze verdwaasd. 'Ik ben niet lekker', zei ik nogmaals. 'Nou inderdaad, je ziet eruit als een oud veenlijk'. Thanks, Rox...

Halverwege de rit sprongen er nog een aantal jongens de bus in. 'Heeeeeeeeee Maartuuuuuh', hoorde ik Rox naast me brullen. Ik was bijna nuchter genoeg om te beseffen dat ik me voor haar zou moeten schamen. Maarten, die ik overigens niet kende, zwaaide terug en kwam met zijn vrienden naast ons zitten. Ook zij hadden blijkbaar de gele rakkers niet laten staan. De hele weg hebben ze over koetjes en kalfjes zitten ouwehoeren.Ik trok ondertussen steeds witter weg, probeerde zo min mogelijk te zeggen en hield mijn ogen op het hoofdsteuntje gefocust. 'Gezellige vriendin heb je, Rox', riep één van de vrienden nog die voor mij zat. Ik had willen reageren maar wist dat hij daarbij tevens een veel te warme nek zou krijgen. Gelukkig was onze halte al in zicht.

Ik wachtte tot de bus precies stil zou staan. Op het moment dat de deuren open schoven, rende ik naar buiten. Maar het was al te laat. Ik liet een spoor van kots achter mij. Roxanne lag helemaal gevouwen. 'Wooohahahaha, Tijne loopt de brokken tegen het bushokje!' Ze moest zelfs op de grond zitten om niet om te vallen van het lachen. Ik keek nog opzij hoe de bus wegreed en hoe Maarten en zijn vrienden uit het raampje naar me zwaaiden en vieze gezichten trokken. Ik voelde hoe een rode flugel- bessenjenever- en wijnmassa mijn lichaam werd uitgewerkt. 'Wooohahahahaha, het lijkt wel een smoothie', gierde Rox. 'Het spoelt tenminste beter weg dan graffiti', grapte ik nog.

Ik opende de deur voor mijn beste vriend Dennis. 'Ben je klaar?', vroeg hij. 'Yes! We kunnen gaan'. Dennis had mij uitgenodigd om mee te gaan met een personeelsuitje van zijn werk. Eenmaal voor het betreffende restaurant stonden alle collega's van Dennis al te wachten. Zoals gewoonlijk was Dennis weer aan de late kant. We liepen naar de groep en ik stelde mij netjes aan iedereen voor. Zo ook gaf ik een hand aan een vrij jonge knul. 'Hé, jij bent toch een vriendin van Roxanne?', zei hij. 'Ja, dat klopt. Hoe weet jij dat eigenlijk?', vroeg ik verbaasd en verrast. 'Nou, dan was jij volgens mij dat meisje die tegen het bushokje aan stond te kotsen met je bezopen harses'. Het schaamrood stond me op de kaken. 'Ja, doe ik anders ook nooit hoor, ik ben helemaal niet zo'n zuiperd'. 'Hahaha, nee, nee', riep een collega uit de groep. Die avond hield ik het bij appelsap en thee. Enchanté! 

Iedere ochtend hetzelfde liedje

Hieronder de blog voor de actie van Hero Fruitontbijt. Prijs: een reischeque t.w.v. 500 euro! Die kan ik goed gebruiken als ik volgend jaar een jaar ga touren door Europa! Lezers van mijn blog, let op! Dit is de tweede post vandaag -wat niet vaak voorkomt-, dus bij deze een attentie dat je de andere niet vergeet te lezen! *knipoog!*

Langzaam open ik mijn ogen. Naast mij klinkt, zoals iedere morgen, een relaxte Titanic-tune uit mijn mobiel. Ik druk de wekker uit en probeer te wennen aan het licht dat tussen de kiertjes van mijn lamellen door mijn kamer in schijnt. Als ik mijn benen langzaam naast mijn bed laat zakken, staan mijn sloffen al klaar om mijn voeten te ontvangen. En warm te houden. Want het is weer koud in mijn kamer, ijskoud. Als een oud vrouwtje lift ik mezelf uit bed en wandel ik in slow motion de trap af. Koffie. Sterke koffie. Dat is wat er iedere ochtend als eerste door mijn hoofd heen gaat.

'Moghuh', hoor ik mijn schorre stem zeggen. 'Hmm', mompelt mijn zus-met-ochtendhumeur vanaf de bank. Ik wil het het koffiezetapparaat aanzetten. 'Verdomme... zorg nou eens dat je een nieuw zakje pads klaarlegt als die andere op zijn', mompel ik naar mijn zus die net een slok neemt uit haar dampende koffiemok. Zij wel... Ik wrijf in mijn nog opgezette ogen en pak een nieuw zakje pads uit de lade. Okee, misschien ben ik niet de enige met een slechte ochtend-mood. Als het apparaat pruttelt, loop ik automatisch door naar de fuitschaal. Appeldag, besluit ik als ik in de fruitschaal verder alleen maar bruine bananen zie liggen.

'Schuif eens op', vraag ik mijn zus beleefd en in de hoop dat ze vandaag haar donderwolk niet boven mijn hoofd laat uitwaaien. 'Ga dan lekker ergens anders zitten', krijg ik terug. Zucht... Daar begint het alweer. 'Ik ben vandaag zo vrolijk, zo vrolijk, zo vrolijk', zing ik zacht. 'Koter dat je bent. Het is ook iedere dag hetzelfde liedje', zegt ze kattig. Ik lach om de dubbelzinnigheid van haar woorden. Ik zie dat zij stiekem ook wil lachen, maar zich niet wil laten kennen. We turen vervolgens doodstil naar het ochtendjournaal. Tijd om te douchen', besluit ik als de presentator mij een goede morgen heeft gewenst. 'Moet je doen'.

Ik zet de douche aan en laat het warme water over mijn lange blonde haren vallen. Mam is inmiddels ook wakker en komt de badkamer binnen met slaapstrepen op haar gezicht. 'Looking good!', grap ik met een zwoele stem. Ze schud haar hoofd. 'Kijk eens', zeg ik. Mam komt voor de beslagen douchecabine staan. Met mijn vinger ga ik langs het glas. 'De maan is rond, de maan is rond', zing ik terwijl ik cirkels teken. 'Hij heeft twee ogen, een neus en een...?'. 'Mond', zegt ze bijna onverstaanbaar door het watergeketter heen. 'Fout, een kont!'. En ik druk mijn billen onder de tekening. 'Hoe verzin je het toch weer op de vroege morgen?', glimlacht ze slaperig. 'Geen idee. Maar gelukkig is er toch nog iemand die een beetje om me kan lachen vandaag'.

Ik ruik verbrand haar. Het is tijd voor een nieuwe fohn, bedenk ik me voor de zoveelste keer. Maar mijn haar is droog. Nog even een zooi plamuur tegen mijn gezicht, mascara op, een borstel door mijn haar en mond en anti-stink onder mijn armen. Ready to go! Oh wacht, welke tas zal ik vandaag gebruiken? De paarse maar. Staat leuk bij m'n nieuwe lila vestje. Sokken, die moet ik ook nog even hebben. Ik loop naar het sokkenmandje in de gang. Nee hè, alweer alleen maar enkele sokken. Dan maar een grijze en een zwarte aan. Hoe laat is het eigenlijk? Shit, nog tien minuten! Ik race door het huis heen en pluk onderweg naar beneden hier en daar de nodige spullen mee.

Ik heb mijn jas aan en ben bezig met het strikken van mijn schoenveters. Mijn zus komt net natte haren de huiskamer in. 'Schuif eens op', zegt ze. 'Ga dan lekker ergens anders zitten', zeg ik kinderachtig terug. Ze kijkt me nijdig aan. 'Grapje hoor', zeg ik, 'hou je nog van me?'. 'Nee, nu niet meer', lacht ze en ze geeft me een dikke kus. 'Ik ook van jou, vrolijkerd'. Ik grits in mijn zak. 'Nee hè, waar zijn mijn sleutels nou weer?' Ik stamp naar boven toe in de hoop dat ze nog in mijn andere tas zitten. 'Doe nou eens zachtjes. Je bent geen olifant...', moppert pap vanuit zijn slaapkamer. 'Ja, ik heb ha-aast!', brul ik. 'Het zal ook eens niet zo zijn...', hoor ik pap in de verte nog zeggen. Gelukkig, ze liggen nog in mijn andere tas. En ik storm weer naar beneden. 'Ooooh, ik ben te laat!', roep ik in het niets.

Fisse lucht in mijn longen. Met grote passen loop ik naar de bushalte. Als ik halverwege ben, zie ik in de verte de bus al aan komen rijden. Ik zet het op een rennen. Mijn tas bonkt tegen mijn heup en ik krijg tranen in mijn ogen van de wind. Net als ik de straat oversteek, staat de bus al bij de halte stil. Ik zwaai naar de chauffeur, maar hij ziet me niet. En zo zie ik hoe de deuren sluiten en de bus zijn weg vervolgt. Zonder mij. Het zal ook eens niet zo zijn en ik doe mijn tas open om mijn mobiel tussen de pennen, notitieboekjes en tampons te zoeken. 'Hoi met Tijne. Ja, het is weer zover. Schenk maar een kopje minder in bij de eerste ronde. Ja, klopt, tot over een half uur. Doeidoei!'. Ik staar naar de grond. 'Goedemorgen Tijn. Ik zag je rennen, heb je hem nou alweer gemist?', hoor ik ineens achter me. Het is meneer Put die ik vrijwel iedere morgen tref als hij in alle vroegte zijn hondje uitlaat. Ik glimlach. 'Tja, iedere ochtend hetzelfde liedje'. En terwijl ik hem nazwaai zet mijn MP3-speler aan.

Paddestoelentest uit een krabsaladebakje

Ik was zeventien en met Anna op vakantie in Lloret de Mar. Onze eerste BZN-vakantie, grapten we. Oftewel: Bakken, Zuipen, Neuken. Nouja, dat neuken zouden we weglaten. Totaal niet ons ding om zomaar met iemand het bed in te duiken. Dat we met twee leuke jongens uit het appartement zoenden, vonden we al helemaal prachtig. Zo ook gingen we een avond met hen op stap. Helaas waren Anna en ik rond twee uur al aardig kapot van al het feesten. De jongens boden aan ons naar het appartement te brengen. Johan, de lover van Anna, had nog wel zin om over het strand te lopen. Dat zag ik niet zitten zo zitten. 'Ik heb al blaren van mijn schoenen, dat wordt niks. Gaan jullie maar met z'n tweetjes, dan lopen Jeroen en ik vast door naar het appartement', zei ik. Daar aangekomen besloten Jeroen en ik nog een drankje te drinken. Van het een kwam het ander en zo had ik voor het eerst in mijn leven seks met een 'onbekende'. Ik was er altijd fel tegen, maar die avond voelde het goed. Met hem en in mijn slaapkamer. Helaas liep de fantastische nacht toch iets anders af dan verwacht.

Eenmaal thuis belde ik meteen voor een afspraak bij de dokter. Ik moest het sneaky doen want ik wilde niet dat mijn ouders het te weten zouden komen. 'Zo mevrouw, vertelt u eens...', zei de dokter. Gelukkig is mijn dokter een toffe peer en viel het wel mee mijn verhaal te doen. 'Nou, ehm, ik was op vakantie...' 'Een soa-test?', onderbrak hij. 'Yup..'. 'Onveilige seks gehad in een dronken bui, jongedame?', knipoogte hij. Ik kon het van hem hebben. 'Nee, dat gelukkig niet. Maar helaas bleek z'n regenjas niet waterdicht'. Hij lachte even, met zijn zware stem. Vervolgens ging hij op serieuze toon verder. 'Ja, dat kan ook nog. Nou, hier een formulier voor onderzoek. En je moet zelf in een potje plassen om in te leveren. Kijk maar even wat je in huis hebt, als het maar schoon is'.

Thuis had ik alles doorzocht, maar ik kon geen potje vinden. Gelukkig had mijn moeder nog een verzameling tupperware-bakjes en andere bewaar-troep. Maar bleek niets lekbestendig te zijn. Uiteindelijk zat er toch niets anders op dan met een krabsaladebakje, gehuld in een Blokker-tasje, in mijn handtas naar het lab te gaan. Ik trok braaf mijn nummertje in de grote wachtkamer en verdiepte mij in de Story die daar uitgestald lag op een tafel. 'Nummer zevenendertig?', hoorde ik een vrouwenstem zeggen. Ik keek op en zag hoe de tante van mijn ex in de deuropening stond. Het zweet brak me uit en ik voelde hoe mijn hoofd rood werd. Voorzichtig stak ik mijn hand op. 'Dat ben ik...'

'Kom binnen, leuk je weer te zien. Heb je een formulier?', vroeg ze. 'Aha, HIV en andere geslachtsziekten wil je laten testen. Ga maar zitten, dan neem ik even bloed van je af'. Ik knikte braaf, maar wist niet wat ik moest zeggen. Toen ik de buisjes bloed voorbij zag komen en mijn mouw weer over mijn arm mocht trekken, wist ik dat ze zou vragen naar mijn urine. 'Je had een potje bij je?'. 'Ja, zal het even pakken.' Bij het opentrekken van de rits kwam er een onaangename geur naar boven. Shit, het bakje was onderweg toch ondersteboven gegaan! En tot overmaat van ramp had het randje van het bakje een gat gemaakt in de Blokker-tas. 'Uhm.. hij heeft een beetje gelekt', zei ik terwijl mijn hart bijna mijn borstkas uit bonkte. Tante Betty keek over het randje van haar bril mijn tas in. 'Loop maar even mee naar het keukentje', zei ze, en nam de tas over. Ik zag hoe ze met haar witte handschoentjes het krabsaladebakje uit mijn tas viste, waar nog maar een klein beetje van mijn ochtendwater in zat. Mijn tas kieperde ze om boven de gootsteen en ik hoorde hoe mijn pies tegen de stalen rand aan kletterde. 'Hier kunnen we denk ik nog wel wat mee', zei ze terwijl ze het bakje omhoog hield en de inhoud nauwkeurig bekeek. 'Alsjeblieft, je tas', zei ze met een beetje flauwe glimlach. 'De uitslag van de test kun je opvragen bij de dokter'. 'Bedankt', zei ik ongemakkelijk. Zo gauw ik kon ritste ik mijn tas dicht en maakte ik dat ik wegkwam. Onderweg naar huis trok ik de pleister van mijn arm en mikte ik mijn handtas in een vuilnisbak in het park.

'Waar was je eigenlijk heen?', vroeg mam toen ik binnenkwam. 'Eventjes wat wat afgeven op mijn werk', loog ik. We dronken een kopje thee en kletsten nog wat over de vakantie. Angstvallig hield ik mijn arm zoveel mogelijk gesloten. Het was nog steeds zomer en een t-shirt met lange mouwen zou juist verdacht zijn geweest. Toch was er een zeker moment dat ik het even vergat en met mijn 'prikarm' mijn kopje thee van de tafel pakte. Mijn moeder viel stil in haar verhaal en tuurde naar mijn arm. 'Heb je soms bloed laten prikken? Er zit zo'n plekje'. Shit, shit, shit... wat moest ik zeggen? 'Nou, ik gaf dus wat af bij de kassa van een collega en toen prikte ik me aan de prikker waar de cadeaubonnen aan vast zitten'. Wat een kutsmoes, dacht ik nog. Mijn moeder keek mij ook nog even verontwaardigd aan en ik zag de twijfel in haar ogen. 'Ja, die dingen zijn heel scherp, hoor, ik prik me er wel vaker aan', loog ik opnieuw. 'Oh, nou, als je niet beter zou weten had ik gezegd dat het van een naald kwam..'. En ze vervolgde haar verhaal. Ik was opgelucht dat ze mijn verhaal dus blijkbaar geloofde. En ook blij toen ik een week later hoorde dat ik geen paddestoelen op mijn trut bleek te hebben.

Het jaar erop ging ik naar Kreta. Bij het vliegveld nam ik afscheid van mijn ouders en zusje. Mams gaf ik een dikke knuffel. 'Ik heb nog een cadeautje in je koffer gedaan. Voor de zekerheid', fluisterde ze nog snel in mijn oor. De hele vlucht dacht ik na wat het zou kunnen zijn. Ik verwachtte eigenlijk iets onbenulligs, dat deed ze wel vaker. Bijvoorbeeld waterschoentjes zodat je je voeten niet open zou halen aan de ruwe zeebodem. Eenmaal op mijn vakantiebestemming trok ik mijn koffer open, opzoek naar een pakje. Ik kon niets vinden en besloot later nog wel eens verder te zoeken want ik zou meteen naar het zwembad gaan. Ik trok mijn badlaken onderuit de koffer en sloeg hem uit. Terwijl ik dat deed, hoorde ik iets vallen. Ik keek opzij en zag een blauw doosje op de grond liggen, bedrukt met het woord Durex. Maar voor mij dat jaar geen lekkende krabsaladebakjes en soatesten bij Tante Betty meer!